Zuidhorn vroeger

Zoeken

Jeugdheriinneringen

 

 

Jeugdherinneringen.

 

We woonden in een huis, dat stond tegenover het kerkhof aan de Jellemaweg. Het huis, een 2-gezinswoning , is al afgebroken, Ze werd ''het Voshool'' genoemd en stond op de plaats, waar nu de showroom van Garage Boerema is. Onze buurman Buiter had een aangebouwd schuurtje, dat grensde àan de boerderij va n Jonas en Roosje Israels. Wij hadden een schuurtje aan de overkant van de ree , welke naast ons huis lag en leidde n aar de huizen van de bokkenrijder Fokke Boonstra (nu marktterrein) en de oud-schipper en winkeIier/caféhouder Bake Datema (dit perceel bestaat nog, nu Stavasius, schoolstraat 5).

In de schuur werd de voorraad turf opgeslagen, plaats voor de fietsen en in de hoek het bekende ''huuske''.

Aan één van de balken een boeier (schommel). Langs de ene wand van de schuur was een konijnenhok aangebracht. Een langwerpig geval, verdeeld in 4 à 5 vakken, met in ieder vak een konijn. De voorzijde, waaraan de ruiven, was in haar geheel afneembaar, Nu was het een order dat de deur van de schuur altijd dicht moest, Dat was niet alleen voor de inloop, maar ook voor de inkijk in het geval dat er iemand op 't huuske zat. Mijn broer en ik vergaten nog al eens die deur dicht te doen.

Zo stond de deur eens open en een loslopende hond had de reuk van de konijnen te pakken gekregen en was de schuur binnengedrongen. Hoe het mogelijk geweest is weet ik niet, maar die hond heeft kans gezien de voorzijde van het hok te forceren. Alle 5 konijnen had hij verscheurd. Twee konijnen hadden jongen en een derde moest binnenkort jongen krijgen. Hij was nog bezig een konijn te verscheuren toen mijn moeder binnen kwam.

Zij had de tegenwoordigheid van geest om onmiddellijk de deur dicht te trekken, zodat de hond niet kon ontsnappen . Onze buurjongen, Louwe Buiter, herkende, via een raam, de hond als zijnde van bakker Smid.

Het verdere verloop was dat rijksveldwachter Beyering er bijkwam, die bakker Smid er bij haalde en deze erkende dat het zijn hond was. Naar mij later verteld werd, was er een financiele regeling getroffen, waarbij de schade werd vastgesteld op f 25,-.

Op verzoek van Smid werd de hond doodgeschoten door Beyering.

AI met al had vader de aardigheid van konijnen af en hij kocht voor de f25,- een 10-tal kippen. Het waren geen raskippen, maar het eieren leggen kon een raskip ze niet verbeteren. Als vader van de sigarenfabriek kwam was zijn eerste gang naar het kippenhok om te zien hoeveel eieren er die dag gelegd waren. Het resultaat was zo'n 8 à 9 eieren per dag. Meermalen had vader gezegd: ''Ik hoop dat ze nog eens alle 10 op dezelfde dag leggen.

Om hem te plezieren had moeder op een dag één ei bij de reeds gelegde eieren gelegd, zonder deze vooraf geteld te hebben en laat nu de kippen die dag alle 10 leggen, met het resultaat dat vader 's avonds 11 eieren in de hokken vond. Dit kwam hem ook weer onwaarschijnlijk voor en moeder moest toen wel met de waarheid komen. Hij voelde zich toen wel genomen ondanks alle goede bedoelingen. De niet zelf gebruikte eieren, werden ingeruild bij winkelier Geertsema in de Nieuwstraat (waar nu Danhoff) tegen levensmiddelen.

 

J. de Wit